Regels en beleid op Europees niveau
De Europese Raad heeft op 20 december 2022 een noodverordening aangenomen om sneller installaties voor zonne-energie te kunnen realiseren op kunstmatige constructies. Hieronder vallen onder meer gebouwen, industriële en braakliggende terreinen en transportinfrastructuur zoals carports of parkeerplaatsen en locaties langs snelwegen en spoorwegen. Met deze noodverordening wil de Europese Unie onderstrepen dat zonne-energie steeds belangrijker wordt en kaders scheppen om sneller de doelstellingen van 45% CO2-reductie per 2030 te behalen.
Regels en beleid op rijksniveau
Op rijksniveau is er momenteel geen specifiek beleid voor zon-op-parkeren vastgesteld. Wel geldt voor zonne-energie in het algemeen de voorkeursvolgorde zon, ook wel bekend als de Zonneladder. De strekking van de zonneladder is dat zonne-energie bij voorkeur op gebouwen wordt opgewekt, dicht bij de afnemer.
De voorkeursvolgorde luidt als volgt:
- Op daken en gevels
- Op onbenutte terreinen binnen bebouwd gebied
- In combinatie met functies in het landelijk gebied zoals waterzuiveringsinstallaties, vuilnisbelten, bermen van spoor -en autowegen
- Niet op landbouw- en natuurgronden
Solar carports zijn een voorbeeld van trede 2 of 3, afhankelijk van of ze in landelijk gebied of bebouwd gebied liggen. De zonneladder is geborgd in provinciaal beleid. Raadpleeg daarom de provinciale omgevingsverordening (en eventuele nadere beleidsdocumenten) voor de precieze voorschriften en eisen die op uw situatie van toepassing zijn.
NP RES heeft in dat kader ook de Handreiking Uitvoeringsstrategie Zon op daken en objecten opgesteld.
Verder zijn er drie AMvB’s waarin voor solar carports relevante regels zijn opgenomen:
- Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)
- Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl)
- Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
In het Bbl staan regels ten aanzien van de bruikbaarheid, veiligheid en duurzaamheid van bouwwerken. Ook staat in het Bbl de vergunningplicht voor de technische bouwactiviteit (alleen van toepassing op constructies hoger dan 5 meter). Bouwactiviteiten worden aan het Bbl getoetst om te bepalen of deze vergunningplichtig zijn. Indien dat het geval is, wordt de aanvraag getoetst aan de beoordelingsregels en -eisen die zijn geformuleerd in het Bkl.
In het Bal staan algemene rijksregels ten aanzien van milieubelastende activiteiten. Het opwekken van elektriciteit en het opslaan van elektriciteit worden beschouwd als milieubelastende activiteiten. Solar carports zijn niet aangemerkt als vergunningplichtige, milieubelastende activiteiten als bedoeld in het Bal. Wel staan in het Bal algemene regels en een meldplicht ten aanzien van de activiteiten behoren bij solar carports. Activiteiten die volgens het Bal vergunningplichtig zijn, worden door het bevoegd gezag actief aan het Bal getoetst. Desalniettemin moeten ook niet-vergunningplichtige activiteiten aan het Bal voldoen omdat in het Bal ook algemene regels staan voor niet-vergunningplichtige activiteiten.
Regels en beleid van provincies
Er zijn anno 2025 geen provincies die specifieke regelgeving hebben opgesteld rondom zon-op-parkeren. Wel hebben de provincies de zonneladder in hun omgevingsverordeningen uitgewerkt, al dan niet in de vorm van bijlagen en/of losse beleidsdocumenten. In de omgevingsverordeningen van provincies kunnen daarnaast regels zijn opgenomen over waar initiatieven binnen het landelijk gebied aan moeten voldoen, zoals rondom landschappelijke inpassing en natuurinclusiviteit. Deze regels gelden ook voor andere overheden bij het opstellen van decentrale regels. Bijvoorbeeld voor gemeenten bij het opstellen van het omgevingsplan).
Provinciaal beleid is daarmee relevant. Wanneer initiatieven voor zon-op-parkeren zich bevinden binnen het landelijk gebied, is de provincie als ruimtelijk regisseur altijd stakeholder en dient de provincie vroegtijdig te worden betrokken.
Regels en beleid van de gemeente
De gemeente is in vrijwel alle gevallen bevoegd gezag voor initiatieven voor zon-op-parkeren. Dat betekent dat gemeenten de vergunningverlenende (toetsende) instantie zijn voor initiatieven. Raadpleeg daarom altijd het gemeentelijk beleid voor de realisatie van bouwwerken, zoals gemeentelijke welstandsnota’s en –regimes. Hierin staan relevante eisen en richtlijnen ten aanzien van het ontwerp. Gemeenten kunnen in aanvulling hierop en binnen de kaders van nationaal en provinciaal beleid zelf nadere regels en nader beleid ten aanzien van zon-op-parkeren formuleren. Hierin kunnen kaders worden gesteld voor bijvoorbeeld technische, ruimtelijke, landschappelijke en/of procedurele aspecten gerelateerd aan zon-op-parkeren.
Verder kan gemeentelijk beleid voor diverse andere thema’s relevant zijn voor het ontwikkelen van zon-op-parkeren in relatie tot het omgevingsplan. Ga daarom na of er aanknopingspunten staan in gemeentelijk beleid voor:
- Parkeren;
- Zonne-energie;
- Participatie;
- Indien van toepassing: Groen(beheer);
- Indien van toepassing: Reclame-uitingen;
- Indien van toepassing: Kabels en leidingen;
- Indien van toepassing: Energieopslagvoorzieningen (batterijen e.d.)